De schrijfwijze van sommige woorden is niet altijd duidelijk. Dankzij het internettijdperk komen er alsmaar nieuwe woorden bij en vaak weten mensen niet goed hoe ze deze woorden op een correcte manier kunnen schrijven.
Vaak krijg ik dan ook de vraag of “sms-en” of “sms’en” de juiste vorm is.
De juiste vorm is sms’en. En de vervoeging? Die gaat zo:
ik sms sms’te
jij/u/hij/zij sms’t sms’te
wij/jullie/zij sms’en sms’ten
Het voltooid deelwoord van sms’en wordt ge-sms’t. Wanneer sms gebruikt wordt in een samenstelling, schrijf je een koppelteken: sms-bericht.
Veel sms-plezier!